Houtense hotspots, deel 1: de Schanscamp

17 maart 2025

In zijn roman Bonita Avenue omschrijft Peter Buwalda Utrecht Overvecht als ‘een buitenwijk met asbestflats, “dreven” in plaats van “straten”, en een eigen station met twee sporen om op te gaan liggen’. Iets verderop, in Houten, vond je in mijn tienerjaren al net zo’n unheimisch station, en ook hier waren de straten ludiek genaamd: poorten, slagen, oorden, hagen, molens, campen.

Flats had je dan weer niet in Houten. Toen het dorp in de jaren tachtig explosief groeide, werden er strenge bouweisen gesteld: niet te ver de hoogte in, en overal een puntdak op. Als gevolg lijken alle wijken uit die tijd op elkaar, alsof ze per hectare zijn neergekwakt door een gehaaste Sim City-speler.

Zelf kwam ik in 1989 aan de Schanscamp wonen. Ik was tien, had vijf jaar op de Canadese prairie doorgebracht en wist niet wat ik zag. Een simpel rondje fietsen kon zomaar uitmonden in een urenlange, al wanhopigere dwaaltocht.

Omdat alles nog in aanbouw was, viel er voor Houtense jeugd in die tijd bar weinig te beleven. Rond mijn twaalfde had ik een vriendje in de wijk met wie ik de steegjes achter onze huizen onveilig maakte. We rookten er stiekem mentholsigaretten, sloegen klodders advocaat achterover en spoten graffiti op de muren en schuttingen.

Mijn vriend was thuis evangelisch, ikzelf gereformeerd, dus kreeg onze tweemansclub de naam ‘Christian Criminals’. Ons embleem bestond uit twee hoekige C’s en een kruis. Onbezonnen zetten we dat overal op, niet alleen in de steeg maar ook op schriften en tassen, waardoor onze ouders rap ontdekten wie de buurt zo brutaal had ontsierd. Met staalborstels, terpentine en vuurrode koppen konden we een eindeloos weekend gaan boenen.

Toen ik onlangs met fotograaf Tjitske de Bruin door Houten fietste om plaatjes te schieten voor mijn album, constateerde ik dat die werkstraf destijds niet al te grondig is uitgevoerd. Ruim dertig jaar na dato bleek het logo van de Christian Criminals weliswaar vaag maar nog altijd vervaarlijk op de muren rond de Schanscamp te prijken – bovenstaande foto levert het bewijs. Net buiten beeld liggen nog wat mentholpeuken en een lege advocaatfles.